Slum Dwellers International is een internationale beweging van meer dan een miljoen sloppenwijkbewoners uit Afrika, Azië en Latijns-Amerika.

Wat maakt de werkwijze van SDI zo effectief?

Leven in een sloppenwijk betekent leven zonder voorzieningen en zonder structuur. Toch krijgen de bewoners uit het SDI-netwerk het voor elkaar om hun wijken te veranderen. Hoe doen zij dat?

1 – het creëren van een kritische massa

Alle verandering begint bij één idee van één bewoner, die medestanders probeert te vinden. Er ontstaat een grotere groep van sloppenwijkbewoners, die gezamenlijk één stem vormt en samen een plan maakt.

2 – de bewoners en hun wijk in kaart

Sloppenwijken zijn onofficiële steden. Dat betekent dat de inwoners van een sloppenwijk voor de wet niet bestaan, niet gezien en gehoord worden door de overheid en geen toegang hebben tot onderwijs en werk. De slum dwellers uit het SDI-netwerk brengen in kaart wie in welke wijk woont, zodat de bewoners een gezicht en een stem krijgen. Het is de eerste stap om van sloppenwijken officiële wijken te maken waardoor de burgerrechten van bewoners gerespecteerd worden. Met het succesvolle initiatief Know Your City zijn al ruim 7500 slums in kaart gebracht met informatie over de bewoners en de hoeveelheid voorzieningen.

3 – collectief sparen voor één doel

Sloppenwijkbewoners zelf starten spaarprogramma’s binnen hun gemeenschap. Zo wordt er collectief gespaard voor een specifiek doel. Deze programma’s blijken een krachtig middel om bewoners met elkaar te verbinden en beleidsmakers te overtuigen in actie te komen.

Doordat sloppenwijkbewoners zich organiseren, hun wijken en bewoners in kaart brengen en collectief sparen voor een doel, creëren zij een krachtige basis voor een gelijkwaardige positie aan de onderhandelingstafels van beleidsmakers.

De slum dwellers uit het SDI-netwerk brengen in kaart wie in welke wijk woont, zodat de bewoners een gezicht en een stem krijgen.

Ondernemende vrouwen aan het roer

Binnen het SDI-netwerk zijn talloze leiders actief, die zich met een grote dosis lef en energie inzetten voor hun wijk. Deze sloppenwijkbewoners zijn stuk voor stuk krachtige ondernemers die hun wijk op verschillende niveaus verbinden en verbeteren. Hun inzet komt de hele gemeenschap ten goede. Opvallend vaak zijn deze SDI-leiders vrouwen. Zij spelen een cruciale rol in het succes van de beweging.

Razendsnelle verstedelijking

De wereld verstedelijkt in rap tempo. Wekelijks komen er anderhalf miljoen stedelingen bij. De verwachting is dat in 2020 het aantal sloppenwijkbewoners 1,4 miljard zal zijn en in 2030 zestig procent van de wereldbevolking in steden woont. Het organiseren van adequate huisvesting, schoon drinkwater en sanitaire voorzieningen voor al deze mensen is een enorme taak én een enorme kans voor duurzaam ondernemerschap. De combinatie van extremer weer door klimaatverandering en slecht gebouwde huizen op onveilige plekken, maakt dat sloppenwijkbewoners steeds vaker te maken krijgen met overstromingen, orkanen, extreme hitte en droogte. Klimaatverandering is daarmee een directe bedreiging voor hun dagelijks leven.

De verwachting is dat in 2020 het aantal sloppenwijkbewoners 1,4 miljard zal zijn en in 2030 zestig procent van de wereldbevolking in steden woont.

SDI urgenter dan ooit

SDI werkt aan twee van de grootste uitdagingen van de komende decennia: het uitbannen van wereldwijde armoede en het leefbaarder en duurzamer maken van steden wereldwijd. Deze uitdagingen vallen samen met doel 1 en doel 11 van de 17 Sustainable Development Goals (SDG’s) van de Verenigde Naties. Deadline van deze doelen is 2030. Dan moet er een eind zijn gekomen aan extreme armoede, ongelijkheid, onrecht en klimaatverandering. Om dit te behalen is een krachtige beweging van binnenuit nodig, zoals de SDI-beweging. Als geen ander weten de sloppenwijkbewoners zelf wat er nodig is en hebben zij bewezen dat hun aanpak werkt.

In deze landen is SDI actief

Jockin Arputham – oprichter van SDI

Slum Dwellers International is opgericht door Jockin Arputham (1947-2018) uit Mumbai, India. Hij groeide als dakloos jongetje op in de straten van Mumbai. Na een tijd als timmerman te hebben gewerkt, startte Jockin zijn eerste eigen bedrijf: Lift and Shift, waarmee hij diensten verleende als vuilnisophalen, schoonmaken en machines verplaatsen. De winst van zijn bedrijf investeerde Jockin in lesprogramma’s voor kinderen zonder toegang tot onderwijs.

Jockin Arputham bezoekt een sloppenwijk in Mathare in Nairobi, Kenia

Vreedzaam protest met 3000 kinderen

Toen huisvuil maandenlang niet werd opgehaald in zijn wijk en voor een onleefbare situatie zorgde, organiseerde Jockin Arputham een eerste, vreedzaam protest. Met 3000 kinderen ging hij picknicken voor het gemeentehuis. Jockin vroeg alle kinderen afval mee te nemen, waardoor er binnen een half uur een megavuilnisbelt ontstond in het zicht van de beleidsmakers. Het resultaat? De gemeente erkende het probleem en haalt sindsdien het vuilnis op in de wijk. Jockin: ‘Op die dag begreep ik de macht van de community!’

Midden jaren 70 richtte Jockin Arputham de voorloper van SDI op: The National Slum Dwellers Federation of India. Begin jaren 90 trok zijn organisatie de belangstelling vanuit Zuid-Afrika. Er volgde een bezoek van sloppenwijkbewoners uit Zuid-Afrika naar India. Best practices werden uitgewisseld en zo ontstond de internationale beweging zoals die nu is: SDI.

‘Mijn droom is een wereld zonder sloppenwijken’

Jockin Arputhams droom was een wereld zonder sloppenwijken. ‘Ik weet dat dit niet één-twee-drie lukt en ik weet ook dat snelle oplossingen van bovenaf niets oplossen voor de bewoners.’ Stap één is zorgen voor ‘slum-friendly’ steden waarbij bewoners van sloppenwijken als gelijkwaardige burgers worden erkend. Want zoals Jockin zei: ‘Slum friendly cities, become slum free cities.’

Het werk van Jockin Arputham is internationaal bekroond – van de Skoll Award for Social Entrepreneurship tot aan een nominatie voor de Nobelprijs voor de Vrede in 2014.

‘Sloppenwijken moeten niet langer gezien worden als het probleem van de stad, maar erkend worden als bruisende wijken met trotse, vindingrijke bewoners.’